LEIDEN 1917: REMBRANDT VAN RIJN ONTDEKT THEO VAN DOESBURG

(ter gelegenheid van de kranslegging voor Rembrandts verjaardag, 14 juli 2017)

Lang na zijn dood, zo'n twee, drie eeuwen later,
loopt Rembrandt 's avonds in zijn buurtje rond:
Noordeinde, Weddesteeg en Galgewater
(waar zich zijn eerste atelier bevond).

De stad, die nieuwer, groter is geworden,
vindt hij niet echt veranderd, al met al:
naast trams en fietsen en reclameborden
vervuilde grachten, dronkemansgelal.

Maar als hij bij de Blauwpoortsbrug gaat dwalen
ziet hij een raam, een werkplaats, één lamp aan:
een doek op ezel - twee diagonalen.
Iets maakt dat hier de Meester stil blijft staan.

Dan, voor hij oplost in de nacht der tijden,
zegt hij: 'Kijk, dat gebeurt toch maar in Leiden.'

---

SCHANSTUIN

(ter gelegenheid van opening Leidse buurttuin 'Schanstuin', augustus 2017)

Wie uit het zuiden, uit het polderland,
de stad in rijdt ziet, na een dertien lagen
hoog flatgebouw, het silhouet opdagen
van Leidens centrum, waar het bruist en brandt
van horeca, toerisme, middenstand.
Wat men ook zoeken mag, men zal hier slagen.
En heeft men niets te bieden of te vragen
zelfs dan is Leiden in-interessant.

De enkeling die weinig wordt bekoord
door dit geweld van geuren en geluiden
kan nog terecht in een beschaafder soort
omgeving, tussen plantengroen en kruiden -
locaties, waartoe ook de SCHANSTUIN hoort,
hier, waar men Leiden inrijdt uit het zuiden.

---